Afscheid nemen:
Kinderen en jongeren

Kinderen en jongeren

Verwerkingsproces kinderen en jongeren

Kinderen en jongeren rouwen anders dan volwassenen, ze hebben ook een ander beeld van de dood en gaan anders om met hun gevoelens. Toch moeten ook zij leren omgaan met de dood van iemand die ze graag zien. 

Net als volwassenen wisselen ze af tussen stilstaan bij het verdriet en toekomstgerichte activiteiten. Alleen gebeurt dit vaak sneller en meer uitgesproken.

Het is normaal dat een kind het ene moment intens verdrietig is, maar het volgende moment buiten gaat spelen. Kinderen zijn niet in staat om voortdurend pijn te verdragen. Ze laten pijn dan ook niet in volle hevigheid toe, maar gaan op zoek naar afleiding. Voor volwassenen kan dit verwarrend zijn. 

Kinderen en jongeren hebben op verschillende leeftijden een ander besef van wat ‘dood zijn’ betekent. Lees hierover het achtergrondartikel 'Rouwen op verschillende leeftijden', te downloaden hieronder. De leeftijdscategorieën hoef je zeker niet al te strikt opvatten. Elk kind is anders en elk kind ontwikkelt op zijn eigen tempo. 

Jouw rol

Als ouder speel je een cruciale rol in het verwerkingsproces van je kind. Maar vaak kan je ook een beroep doen op andere steunfiguren uit je onmiddellijke omgeving of bijvoorbeeld de school of een leerkracht. Op school kunnen praten wanneer je kind dat wenst, ergens rustig even kunnen zitten,... zijn van onschatbare waarde voor een gevoel van veiligheid en vertrouwen.

Als je zorgen maakt over de psychische gezondheid van je kind, kan je ook rekenen op professionele hulpverleing zoals bijvoorbeeld een kinderpsycholoog. Bij kinderen kunnen verschillende therapieën werken zoals creatieve therapie, speltherapie, schrijftherapie, gesprekstherapie, gedragstherapie, traumaverwerking, gezinstherapie of integratieve therapie. Het belangrijkste is dat het kind zich veilig en vertrouwd voelt bij de kinderpsycholoog.

Hulpverlening

Centra Algemeen Welzijnswerk (Slachtofferhulp)

De CAW’s staan open voor iedereen met vragen en problemen. Een eerste afspraak is gratis en kan telefonisch vastgelegd worden of door langs te gaan bij een CAW in je buurt. Je kan een hulpverlener ook mailen, bellen of chatten. De hulpverlening is vrijwillig en vertrouwelijk. Samen met jou zal een oplossing gezocht worden via de mogelijkheden die bij jezelf en in je omgeving te vinden zijn. Ze wijzen ook de weg naar andere diensten of bemiddelen bij instanties die je sociale rechten kunnen verzekeren. Je krijgt er:

  • emotionele ondersteuning en begeleiding bij de verwerking;
  • informatie en advies over praktische en juridische problemen, zoals het bieden van hulp in je contacten met het parket, advocaten en verzekeringen;
  • administratieve en praktische ondersteuning, onder meer wat het bekomen van een schadevergoeding betreft;

Heb je nood aan meer dan enkele gesprekken, dan kan je begeleiding krijg door de dienst Slachtofferhulp van het Centrum Algemeen Welzijnswerk.

caw.be

Jongeren Advies Centra

Het JAC is het jongerenaanbod van het Centrum Algemeen Welzijnswerk (CAW). Jongeren en jongvolwassenen tussen de 12 en 25 jaar zijn er welkom met hun vragen en/of verhalen. Er zijn verschillende onthaalpunten in heel Vlaanderen.

Je hoeft geen afspraak te maken, maar kan gewoon binnenlopen tijdens de openingsuren. Het kan soms wel druk zijn waardoor het toch handig is om een afspraak maken. Je kan ook met het JAC chatten.

www.jac.be

Therapeuten, counselors, coaches, psychologen en psychiaters

Je kan bij een onafhankelijke hulpverlener, zoals een therapeut of psycholoog, terecht voor psychosociale begeleiding. Vraag tijdens je eerste gesprek welke opleiding deze persoon genoot en vanuit welke filosofie of stroming hij werkt. Zo kan je nagaan of de manier van werken bij jou past. Vraag ook naar het vervolg van de begeleiding, bijvoorbeeld om de hoeveel tijd jullie zullen afspreken. Onderstaand vind je een beschrijving van de verschillende soorten psychosociale hulpverleners.

  • Counselor is geen beschermde benaming. Iedereen mag zich dus zo noemen, zonder een bepaalde opleiding gevolgd te hebben. Meestal zijn dit wel mensen die een diploma hebben als hulpverlener. Er zijn ook counselors die zich specialiseren in bijvoorbeeld rouw.
  • Een psycholoog is iemand die een vijfjarige opleiding (+ stagejaar) psychologie aan de universiteit volgde. Daarnaast kan een psycholoog zich verder specialiseren door een therapeutenopleiding of andere cursussen te volgen. Een psycholoog kan je vinden via www.vindeenpsycholoog.be
  • Een psychiater is een dokter met een specialisatie psychiatrie. Naast gesprekken, kan deze persoon jou ook medicatie, zoals antidepressiva, voorschrijven.
  • Een (psycho-)therapeut is meestal een hulpverlener die naast zijn basisopleiding een meerjarige opleiding gevolgd heeft in een bepaalde therapeutische stroming: gedragstherapie, systeemtherapie, cliëntgerichte therapie of psychoanalyse. Vraag hier gerust meer uitleg over, want dit bepaalt hoe de therapeut de begeleiding zal aanpakken. Op dit moment werkt men aan een wettelijk kader voor de erkenning van therapeuten. Een therapeut kan je vinden via www.vindeentherapeut.be
  • Coaches helpen mensen in de eerste plaats om bepaalde doelen te bereiken. Zij gaan minder aan de slag met de onderliggende psychologische problemen.

Het tarief waaraan deze hulpverleners werken kan variëren. Informeer bij je ziekenfonds of ze een deel van de begeleiding terugbetalen. Sommige ziekenfondsen hebben een lijst met therapeuten met wie ze hierover een overeenkomst hebben. Je huisarts, een Centrum Algemeen Welzijnswerk of Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg in je buurt kan je helpen een goede hulpverlener te vinden.

Afscheid nemen bij kinderen en jongeren

Wanneer een lichaam opgebaard is in een mortuarium, kunnen ook kinderen een laatste groet brengen aan de overledene.

Moedig je kind aan om afscheid te nemen. Een kind kan vaak meer aan dan volwassenen denken.

Door de overledene een laatste keer te kunnen zien en misschien voelen, dringt de realiteit beter door en helpt het schrikbeeld dat je kind eventueel heeft weg te nemen. Probeer te achterhalen waarvoor je kind precies bang is, waarom het niet wil gaan. Vertel je kind dat dit de laatste keer is dat het broer, zus, vriend, mama of papa nog eens kan zien.

Respecteer wel altijd de keuze van je kind.

Je kind heeft het recht zelf te beslissen of het wel of niet gaat. Bereid het in elk geval voor op wat het zal zien. Vertel je kind dat het lichaam koud aanvoelt en anders ruikt. Misschien is het lichaam of het gezicht van de overledene verwond. Richt de aandacht van je kind dan op wat voor jullie nog wel herkenbaar is, bijvoorbeeld een hand.

Enkele tips

  • Laat kinderen bij een overlijden zelf beslissen of ze al dan niet afscheid willen nemen van de overledene en/of aanwezig zijn bij de afscheidsplechtigheid;
  • Voor kinderen die de overledene niet willen zien, kan een foto op een later moment belangrijk zijn;
  • Respecteer altijd de keuze van het kind. Zorg ervoor dat het kind op moeilijke momenten bijgestaan wordt door iemand die het vertrouwt en die rustig is;
  • Geef een eerlijk antwoord op alle vragen van het kind. Dat neemt het schrikbeeld dat het eventueel heeft weg.

Broers en zussen of kinderen van een verkeersslachtoffer

Als een kind of jongere een broer, zus of ouder verliest, zal die vaak zijn ouder(s) willen beschermen.

Door zelf geen verdriet te tonen, wil hij de pijn van zijn ouder(s) niet groter maken.

Hierdoor komt het verdriet van een kind of jongere soms pas jaren later naar boven. Dat kan gebeuren bij een speciale gelegenheid, zoals afstuderen of de leeftijd bereiken die de overleden broer of zus had. Dat noemt men ook wel ‘uitgesteld verdriet’.

In de brochure 'Voor altijd mijn zus, mijn broer' lees je meer over hoe je kan omgaan met kinderen die een broer of zus verloren. Download de brochure hieronder.

Opnieuw naar school

Broers en zussen moeten vaak al snel opnieuw naar school. Voor sommigen is dat een plaats waar het gewone leven verder gaat, waardoor ze even uit de confronterende situatie thuis weg zijn. Voor hen kan het belangrijk zijn dat er op school geen extra nadruk gelegd wordt op wat er gebeurd is. Het is dan wel goed dat de leerkrachten, de directie en het Centrum voor Leerlingenbegeleiding op de hoogte zijn. 

Langs de andere kant spreken kinderen en jongeren vaak het liefst met hun eigen vrienden over hoe ze zich voelen. Die vrienden weten alleen niet altijd goed hoe ze om moeten gaan met het verdriet, omdat ze vaak zelf nog niet zoiets meemaakten. Een leerkracht kan dan wat duiding geven voordat het kind terug naar school komt. Doe dit wel steeds in samenspraak met je kind. 

Delen

      Deze website gebruikt cookies. Sommige cookies zijn noodzakelijk om de website goed te doen functioneren en kan je niet weigeren als je deze site wil bezoeken. Andere cookies gebruiken we voor analysedoeleinden. Lees onze privacy en gebruiksvoorwaarden voor meer informatie.